Willemsen/Bax tijdens GP Lommel in 2017. Foto: Albert Schreuder
Willemsen/Bax tijdens GP Lommel in 2017. Foto: Albert Schreuder

Koning kannibaal zijn veelvraat heeft nu een kaft

Sport

Eerlijke biografie over zijspancrosser Daniël Willemsen

Door André Valkeman

LOCHEM - Dangerous Dan, Blanco Tornado of Kannibaal… Lochemer Daniël Willemsen heeft zijn boek. Geen dwepende biografie over de grote motorcrosser, maar een boek waarin ex-collega’s ook kritisch konden zijn. Monique Rademaker uit Silvolde schreef het. Veel vragen kreeg ze beantwoord. Maar wanneer ‘Heintje Willemsen’ nou stopt? “Geen idee.”

Als we jouw boek lezen, lezen we dan een monoloog van een sporter die zijn winsten opsomt? 
“Nee. Kijk, ik durf het geen klassieke biografie te noemen, maar ik sprak ook heel veel andere mensen over Daniël. Veel van zijn oud-bakkenisten, die prijzen met hem wonnen, bijvoorbeeld. Zij schijnen allemaal ook hun licht op hem.’’

Dat maakt het gelijk interessant, want met veel bakkenisten had Willemsen strubbelingen. Gewoonweg ruzie, soms.
“Klopt. Maar van al die bakkenisten die prijzen met hem wonnen, wilde iedereen meewerken. Geen één uitgezonderd. Dat vond ik ook verrassend. Bij enkelen dacht ik: die willen niet. Maar ze konden open, eerlijk en kritisch zijn… Hield ik ze voor.’’

Daar had Daniël geen moeite mee? Dat er een waarachtig boek kwam waarin hij misschien ook kritisch benaderd werd?
“Uhm… Dat vond hij aan het begin lastig, om het zo uit handen te geven. Maar hij heeft mij uiteindelijk volledig vertrouwd en ik mocht het zo doen. Ik heb ook meteen gezegd: ik probeer zoveel mogelijk mijn journalistieke onafhankelijkheid te houden. Ik denk dat dat wel gelukt is. Een waarachtig boek past ook bij Daniël. Al crossend altijd zeggend waar het op staat, recht voor zijn raap.’’

Als we in zijn sportleven duiken, dan kun je nooit om zijn broertje Marcel heen. Ze waren geen tweeling, maar leken het soms wel. Het is motorcross-romantiek. Hoe vroeg begonnen die twee?
“Daniël zegt dan weer vier en dan weer vijf jaar. Daniël reed eerst solo en toen wilde die andere jongen in het gezin, Marcel, óók motorcrossen.

De zijspancross is uit nood geboren. Hun vader reed zelf ook. Die vond een solomotor voor allebei te duur. Wat nu? Dacht hij. 

Als ik nu van Daniëls motor een zijspan maak, dan hebben ze er samen schik van. Zo geschiedde. Gebrek aan financiële middelen bracht ze richting de zijspan.’’

Die begincarrière is lang een Hollywood sportfilm. De broers rijden jaren samen, halen de top, worden zelfs wereldkampioen in 1999. Maar dan… Een trainingskamp in Italië, een dramatisch ongeluk.
“Ze sloegen over de kop. Daniël en Marcel. Marcel liep daarbij een incomplete dwarslaesie op. Hij zou nooit meer bakkenist kunnen zijn.’’

Wat heeft dat ongeluk in de relatie tussen die twee gedaan?
“Die is toch een tijdje bekoeld geweest. Inmiddels is deze weer helemaal goed. Voor Daniël is dat logischerwijs een hele moeilijke tijd geweest. Daar heeft hij heel veel last van gehad. Lang is die last ongemerkt geweest voor de buitenwereld, denk ik. Hij sprak er weinig over. Een aantal jaar geleden had hij er nog zoveel last van, vertelt hij in het boek, dat hij bij een psycholoog is geweest.’’

Ik kan hier doorvragen, maar als mensen het precies willen weten moeten ze misschien maar het boek kopen… Zonder alle details weg te geven: waar zat de pijn tussen de twee?
“Ze konden het niet meer samen doen, dat wat ze vanaf jongs af aan deden. Dat wat hun leven was. En dan het feit: de één kon verder en ging verder. De ander wilde verder maar moest stil blijven staan.”

Dan breekt de grillige maar eveneens succesvolle tijd aan. Daniël verslijt de ene na de andere bakkenist, maar wint uiteindelijk wel veel wereldtitels achter elkaar. Waarom wisselde hij zoveel?
“Gewoon… omdat de bakkenist en hij elkaar na twee jaar zat waren, vaak. De druk was dan bij Daniël zo hoog en dat verziekte de sfeer onderling.”

Je zag bakkenisten verrot gescholden worden na een verlies. Soms bij zijn camper en tent, waar fans toekeken. Een harde hond, die Willemsen…
“Ja... Daar vertellen zijn bakkenisten zeker over. Stupelis en Verbruggen zeiden: soms kwam je na een goede race over de finish. Dan kon hij ook nog blijven schreeuwen. Dat doet iets met het genieten van wat je doet. Verbrugge zei ook: dan blijft zo’n relatie niet langer goed dan twee jaar.’’

Heeft hij daarin nog iets geleerd, in zijn carrière?
“Als ik kijk naar Robbie Bax, die in 2013 instapte: ja! Hij vertelde dat Daniël rustiger was geworden. Nu al die bakkenisten terugkijken zien ze ook hoeveel ze van hem geleerd hebben. Hoe Daniël ze stuwde naar een hoger niveau. Al ging dat op harde wijze. Daniël is verguisd maar is ook intens geliefd. Een harde leermeester voor die mannen, die wel de credits krijgt.’’

Willemsen werd tienmaal wereldkampioen zijspan, toch kent lang niet iedere sportliefhebber hem. Vanuit de crosswereld zeggen ze vaak: hij krijgt te weinig waardering. Hoe ziet hij dat zelf?
“Hij vindt dat die waardering er wel is. Zijn broertje Marcel vindt van niet. Grappig, hè. Hij vindt dat Daniël en de zijspansport te weinig gezien wordt.’’

Dan nu dé vraag: wat is zijn status? Is-ie nou gestopt of gaat hij nog door?
“Hij wilde recent weer gaan rijden maar heeft in Sint Isidorushoeve - bij een Open NK - weer een heel heftig ongeluk gehad. Hij brak zijn kuitbeen en scheenbeen. Hij loopt heel slecht en het herstel gaat langzamer dan ooit te voren.’’

Maar stoppen...
“Dat kan je hem tachtig keer vragen maar ik denk niet dat hij daar antwoord op geeft, totdat hij echt stopt. Hij vindt dit het allermooiste wat er is: zijspancross. ‘Ik doe het niet meer om het hardst’, zegt-ie dan. ‘Maar ik moet toch naar de crosswedstrijden om mijn onderdelen te verkopen’. Want alle zijspancrossers rijden zo’n beetje op een zijspanmotor die hij als ondernemer samenstelt.

‘Als ik dan toch voor mijn werk naar die crossbaan moet en ik kan nog binnen de eerste vijf rijden, waarom zou ik dat niet meedoen?’ En in 2020 is hij nog Nederlands kampioen geworden, voor de tiende keer. Een redelijk recente goede klassering.’’ 

Hij is 47… Mag je eindeloos door als zijspancrosser, volgens de regels? 
“Nee: je mag tot je vijftigste rijden op het hoogste niveau. De crossbonden vinden het boven die leeftijd onverantwoord.’’

Dus ook als je bijnaam de kannibaal is, moet je dan stoppen?
“Dit is wel grappig. Daniël hoopt dat ze voor hem - wie weet - een uitzondering maken. Kijk: dat is typisch Daniël Willemsen.’’

‘Nog altijd een jongeman’

Wim Lubbers, zoon van de overleden Rikus Lubbers (allereerste Nederlandse wereldkampioen zijspan): “Mijn vader voelde zich verbonden met Daniël. Allebei uit Lochem, allebei wereldkampioen, allebei Dakar gereden. Ik zag mijn vader nooit rijden, maar heb vaak gehoord dat zijn stijl leek op die van Daniël. Onverschrokken en altijd willen starten. Bij blessures wisten ze het vaak ook beter dan de dokter.

De lijnen die Daniël reed vond mijn vader prachtig en creatief. Zijspancross in Nederland kan snel een optocht worden. Daniël reed op plaatsen waar de rest niet kwam. Als hij meedeed wist je: spektakel! Soms had mijn vader wat moeite met hoe hij met bakkenisten omsprong. Maar bovenal vond hij het een groot kampioen.’’

Hendrik Jan Lovink, frontman Jovink en crossfanaat: “En dan zijn er nog mensen die vrijwillig bij de kannibaal in de bak gaan staan! Dan heb je kloten van een kilo per stuk!”

Broertje Marcel Willemsen: “Daniel: nog steeds een jongeman, eigenlijk. Met een hart van goud. Motocross is alles voor hem.

Ik zie hem als een grote lieve broer die voor mij klaarstaat als ik hem nodig heb. Ik wens hem een gezonde toekomst toe waarin hij heerlijk mag nagenieten en nadromen van zijn prestaties.”

Crossliefhebber en Zwarte Cross-directeur Ronnie Degen: “Ik ken Daniël als een vechter! Niks anders dan gaan voor plaats één. Naast de zijspan is het een relaxte kearl hoor, die het sociale niet vergeet.’’


Gijs Jolink overhandigt het eerste exemplaar aan Daniël Willemsen. Foto: Albert Schreuder 

Advertenties doorgeplaatst vanuit Achterhoek Nieuws Eibergen Neede